Wij wonen al 10 jaar of langer in België

Tien jaar geleden deze week verhuisde ik voor het eerst naar België. Na een langeafstandsrelatie van drie jaren besloten manlief – toen vriendlief-  en ik dat we ons geluk eens ergens anders moesten zoeken. Daarvoor had hij al een jaar in Paramaribo gewoond. Het was mijn beurt om een sprong te wagen, dus nam ik ontslag van mijn droomjob, propte alles in een grote koffer en zei familie met een bang hartje gedag. In België startte ons nieuw leven in het dorpje Herent. Eerst in een slaapkamer bij de schoonouders, daarna een apartmentje een paar straten verder. Steeds met de instelling “we zien wel verder en we laten het leven op ons afkomen”. Nooit gedacht dat dit de eerste stap zou worden van een van de grootste keerpunten in mijn leven.  Liefde, nieuwsgierigheid en kapotveel heimwee waren in die tijd mijn enige metgezellen en ondanks de zware aanpassing, was dit genoeg om de eerste jaren door te komen. Nu, na 10 jaar in België te hebben gewoond, erken ik alles wat in deze tijd heb geleerd en bereikt. Of het allemaal de moeite waard was? Ja, zeker! Als ik nu kijk naar het klein gezinnetje die manlief en ik hebben gesticht, is het niet moeilijk om dit als een totale overwinning te beschouwen. Daarom deel ik graag mijn ervaringen, maar ook dat van anderen. Want niet ieder bewandeld hetzelfde pad.   

“Vlaams vond ik in het begin heel moeilijk te verstaan, vooral dat dialect”

Chevelle verhuisde in 2009 met haar moeder, stiefvader en zusje naar België. Haar stiefvader vond hier werk en de familie ging mee. “In het begin had ik het meest moeite met de mensen hier. Ik vond ze niet zo vriendelijk als de mensen in Nederland. Ik had ook veel last van heimwee. Daarom gingen we toen elk weekend naar Nederland. Ondertussen heb ik geen last meer van”. Chevelle heeft in België kunnen wennen door veel contacten te leggen met Surinamers en Nederlanders, die ook hier wonen. Ze gaat daarnaast ook veel naar Surinaamse evenementen en kan daardoor haar vriendenkring uitbreiden. Aanpassen aan het leven in België vond ze niet moeilijk. Ze werd omringd door familie en was nooit alleen. De taal was echter een heel ander verhaal. “Vlaams vond ik in het begin heel moeilijk te verstaan, vooral dat dialect. Maar naarmate ik meer met Belgen omging, begon ik meer te verstaan. Met het Frans heb ik tot op de dag van vandaag moeite mee”.

“Hoe sneller jij je aanpast, hoe draaglijker en makkelijker alles zal worden”

Anoes had het dan weer wat gemakkelijker met de taalbarrières. Ze woont in Tienen en dit is niet ver van de Waalse grens. Ze is perfect tweetalig, maar enkele door eigen inzet en wilskracht. “Ik heb Frans gekregen op school, maar ik heb daarnaast ook jaren in avondschool Franse lessen gevolgd en mijn Franstalige collega’s aangegeven geen Nederlands tot mij te spreken”. In mei zal het 23 jaar geleden zijn sinds zij, samen met haar broer, van Suriname naar België verhuisde. Haar moeder woonde toen al even hier, maar liet de kinderen pas afkomen na toestemming van hun oma. Het was in Dutroux- periode  en haar oma was bezorgd om hun veiligheid. Eenmaal in België ervaarde Anoes geen aanpassingsproblemen. “Als je naar een ander land gaat dan weet je dat veel gaat verschillen van wat je gewend bent. Dus hoe sneller jij je aanpast, hoe draaglijker en makkelijker alles zal worden”.

Maar het Vlaams dialect vond ze verschrikkelijk om aan te horen. “Op school spraken veel leerkrachten gewoon dialect en in het begin moest ik heel veel moeite doen om die mensen te verstaan. Maar doordat we enkel tussen Belgen woonden, ging het integreren snel. Het was zelf zo erg dat mijn broer en ik veel dialect spraken, waardoor onze familie in Suriname ons niet fatsoenlijk kon verstaan. Op een bepaald moment zei mijn Belgische opa, dat we onze eigenheid niet mochten verliezen. Dat we zeer goed Nederlands spraken en vaak veel beter dan de gemiddelde Belg. Hierdoor sloeg ik de andere kant op en spreek ik nu in tegenstelling tot mijn broer met een tropisch Belgisch accent. Maar geen plat Tiens meer”. Terugkijkend op haar eerste jaren hier, beseft Anoes dat ze de meeste vriendschappen via de school of speelpleinwerking sloot. Maar weinig van die vrienden hadden een migratieachtergrond zoals zij zelf.  “Tienen was vroeger alles behalve multi-culti zoals nu het geval is. Dus wil je integreren, dan ga je met de mensen van hier in contact moeten komen. En ja, sommigen zijn gesloten en wantrouwig maar je moet niet iedereen over één kam scheren. Je hebt er zeker heel fijne mensen tussen”.

Het was zelf zo erg dat mijn broer en ik veel dialect spraken, waardoor onze familie in Suriname ons niet fatsoenlijk kon verstaan.

Zowel Chevelle als Anoes hebben hier hun draai kunnen, maar geven allebei toe dat het niet zonder moeite is verlopen. Voor mij ook niet, maar hier sta ik nu. Verhuizen naar België heeft mij veel geleerd over België, maar ook veel over mezelf. Hier heb ik geleerd om meer op mijn gevoel af te gaan en hier ben ik pas zelfstandig geworden. Tien jaar in België betekent voor mij dat ik in staat ben alles wat ik gewoon ben op te geven, opnieuw te beginnen en het allemaal overleven. Ik hoor hier net zo hard thuis als iemand die hier is geboren. Spijtig genoeg is dit ook te horen aan mijn accent. Maar vergis je niet, ik ben nog altijd trots op mijn afkomst. Ik omarm die nu nog meer dan in het begin. En ooit wanneer de tijd daarvoor rijp is, hoop nog eens die grote stap te maken en terug te keren naar Suriname. Maar ooit is nog ver weg dus intussen maken we hier het beste van en laten het leven nog een beetje op ons afkomen.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *