“Nasi goreng zonder rijst? Ben je gestoord ofzo. Heel die tori van die nasi draait om rijst”.

Dat weet ik al te best. Maar enkele weken terug wilde ik lekker tegendraads doen. Gewoon iets anders proberen. En naar buiten toe formuleerde ik dit als: de start van een gezonde levensstijl en daarmee gezonder eten. Tja, je moet de mensen iets verkopen hè. Dus probeerde ik een week lang gerechten uit met heel weinig koolhydraten. Hou je vast: ik ging een week lang zonder brood… (dramatische pauze) …

Geen brood, geen boterham, niet eens een zak puntjes* van op de hoek. Dat laatste zou trouwens niet gaan, want in ouwe trouwe Mechelen is er geen omu** op de hoek. En naast de boterhammen met pindakaas, werden ook pasta, aardappelen en rijst verbannen uit mijn keuken. Nooit gedacht dat ik zonder brood kon. Maar wat ik nu zeker weet, is dat ik absoluut niet zonder rijst kan. Wat is een Surinaams huishouden nu zonder rijst??? In Suriname at ik zeven dagen op zeven rijst met… noem maar op. Rijst is de basis en de groenten en kip zijn de bonus. Zo zie ik het!

Stel je maar eens voor hoe ik dag 2 zonder rijst voelde. Hongerig en als een idioot! Ik geef toe dat ik op dat moment ver van een positieve mindset zat. ik bedacht alle mogelijke manieren om vals te spelen.

“Als ik nu maar twee eetlepels rijst zou eten dan is het niet zo erg. Alleen de gedachte telt toch. Het is toch maar twee lepels wat maakt het uit. Of misschien eet ik vanavond gewoon rijst als normaal en morgen niet. Dan is dat ook goed hè. ik eet dan sowieso minder, of niet”.

En zo bedacht ik 1001 uitvluchten. Rijst op mijn bord begon als een verboden drug aan te voelen. Alles voor een paar korreltjes van dat wit spul. Zie je me al sluipen door donkere steegjes op zoek naar een dealer voor 50 gram rijst. “Ofa nefo, i kan set mi kon nanga wan tu spun alesi. M’o pay yu baka. I n’afu span”***.

Ik wist dat het niet lang zou duren voordat ik mezelf zou opsluiten in mijn kamer met een grote pot rijst op de schoot. Dus zocht ik op het internet naar alternatieven om niet te hervallen. Google bood in 0,37 seconden meteen 313.000 resultaten aan en helemaal van boven: bloemkool! Nooit gedacht, maar op dat moment wilde ik ook alles proberen. Dus haalde ik een groot bloemkool in huis, plukte de bloemkoolroosjes en raspte die in fijne stukjes. Van mijn namaak-rijst besloot ik vervolgens een nasi goreng te maken. Want als je iets doet, doe het dan meteen goed hè.

 

Het eindresultaat was beter dan ik had verwacht. Het zag er dan niet even lekker als een echte nasi goreng, maar al de smaken zaten goed. Ook de structuur van het gerecht viel goed mee. Ik had iets papperig verwacht, maar door de bloemkool maar lichtjes mee te bakken, was het krokant en vol smaak. Sinds mijn nasi goreng zonder rijst- experimentje, heb ik ook bloemkoolrijst met sopropro gegeten en een als slaatje. Er zit wat meer werk in, maar uiteindelijk blijft bloemkool ook de gezondere optie. En toch moet ik toegeven, dat ik dit niet voor de rest van mijn leven zou doen. Ik hou teveel van rijst om het zo gemakkelijk om te geven. Sorry, not sorry! Maar hoe je het nu draait of keert, het is de gedachte die telt.

 

* zak puntjes – Surinaamse puntbroden

**omu – oom Chinees van de winkel op de hoek. Want op bijna elke hoek van de straat is er een supermarkt en in bijna elke tot haast alle winkels is er iemand van Chinese afkomst achter de kassa

*** “Ofa nefo, i kan set mi kon nanga wan tu spun alesi. M’o pay yu baka. I nafu span – Hallo neef, kun je twee lepels rijst voor mij regelen. Ik beloof je terug te betalen.