Er is kak in mijn sportzak. Dat heb je goed gelezen. Kak. En dan niet zo’n bescheiden drolletje. Maar een stomende drol om u tegen te zeggen. Hoe komt het daar, vraagt u?


Sta mij de eer toe u voor te stellen aan Fabrice de eerste, heer en meester van ons huishouden. Vaak miauwt hij het heel huis wakker om aan de dag te beginnen. Wat maakt het uit als het nu één uur ‘s nachts is en de baby eindelijk in slaap gevallen is. Honger? Hij klaagt, snauwt en loopt tussen je benen, liefst als je de trap afgaat. Want hij heeft HONGER en moet als de bliksem gevoed worden. Sta je dan voor z’n eetbakje en is die tot de rand gevuld? Ah ja, dat was heer Fabrice vergeten. Maar mens nu je toch hier staat, kijk maar hoe ik het klaarspeel om elk brok naast mijn bakje te laten vallen. En had je nu gedacht toch maar die sportzak leeg te maken na die helse week aan verhuis. Dan vind je een drol die zijn excellentie achterliet uit wraak voor de stress die we hem bezorgden. Want waar haal je het lef om mij uit m’n vertrouwde omgeving te halen???


Met de kak in mijn sportzak heb ik meteen extra ondergoed, sokken, cosmetica én mijn elektrische tandenborstel kunnen wegsmijten. Want ocharme, die hadden geen schijn van kans.


Bijdrage van manlief: maar met die tandenborstel kon je toch…
“ZWIJG! Want had jou overkomen, had je waarschijnlijk de kat met sportzak en al in de vuilbak gesmeten!!!”


Nu een weekje later, ben ik mij kunnen bedaren. Fabrice de eerste went rustig aan ons nieuw verblijf en is dolgelukkig met de lege verhuisdozen in de kelder. In ruil heeft hij z’n dank getoond door nergens anders een verrassinkje achter te laten. In een poging hem niet te verdenken van duivelse praktijken, heb ik mezelf wijsgemaakt dat hij mij wilde behoeden om zeker niet binnen de eerste zes weken na bevalling te sporten. Wat drastisch, maar effectief. Voorlopig denk ik liever niet aan sport of sportzakken. Daarvoor is de herinnering te fris (of juist niet) ik mijn geheugen.